Pagina afdrukken Zoeken

Jeugdbewegingen

Wat ??

Deze werkingstoelagen voor jeugdbewegingen worden jaarlijks berekend op basis van het aantal openingsuren en -dagen, activiteiten, cursussen,....

Reglement werkingssubsidies voor jeugdbewegingen

Artikel 1

Om in aanmerking te komen voor subsidies moet de jeugdbeweging erkend worden door het jeugdbeleidsplan.

Artikel 2

De jeugdbeweging moet jaarlijks vóór 15 december samen met de aanvraag voor de erkenning door het JWBP het betalingsbewijs van volgende verzekering voorleggen aan de jeugddienst :

  • Lichamelijke ongevallen en burgerlijke aansprakelijkheid
  • Verzekering inboedel tegen brand en aanverwanten
  • Brandverzekering lokalen

Artikel 3

Na elk trimester krijgt de jeugdbeweging een voorgedrukt formulier voor de aanvraag van werkingssubsidies toegestuurd. Dit formulier moet volledig ingevuld en ondertekend binnen de maand volgend op het verlopen trimester binnengestuurd worden : dus eind april, eind juli, eind oktober, eind januari. Samen met de aanvraag voor werkingssubsidies die eind oktober wordt binnengestuurd, moet eveneens een financieel verslag (inclusief kas- en banktoestand) worden binnengestuurd aan vzw Jeugdwerking.

De ledenlijst moet worden binnengestuurd in januari.

Artikel 4

Het totale jaarbudget wordt over de aanvragende jeugdbewegingen over 4 trimesters als volgt verdeeld :

A = totaal aantal punten van een jeugdbeweging (*1) / totaal aantal punten van alle jeugdbewegingen
B = jaarbudget - energietoelage (*2) / 4

A / C

(*1) indien de jeugdbeweging een aantal onderafdelingen heeft dan is het totaal aantal punten van de jeugdbeweging =

A = punten van alle uren van alle afdelingen / aantal aanvragende afdelingen
B = puntensysteem som van de leden van de / aanvragende afdelingen

A + B

(*2) elke jeugdbeweging die zelf de energiekosten moet betalen zal na voorlegging van hun factuur in de loop van de maand mei € 200energietoelage ontvangen. Dit bedrag wordt van het totale jaarbudget van werkingstoelagen voor jeugdbewegingen getrokken.
Het puntensysteem wordt als volgt berekend :

1. aantal leden.
van 1 tot 10 kdn. : 1 punt van 81 tot 90 kdn. : 9 punten
van 11 tot 20 kdn. : 2 punten van 91 tot 100 kdn. : 10 punten
van 21 tot 30 kdn. : 3 punten van 101 tot 110 kdn. : 11 punten
van 31 tot 40 kdn. : 4 punten van 111 tot 120 kdn. : 12 punten
van 41 tot 50 kdn. : 5 punten van 121 tot 130 kdn. : 13 punten
van 51 tot 60 kdn. : 6 punten van 131 tot 140 kdn. : 14 punten
van 61 tot 70 kdn. : 7 punten van 141 tot 150 kdn. : 15 punten
van 71 tot 80 kdn. : 8 punten van 151 tot 160 kdn. : 16 punten

2. aantal activiteiten per maand.
Per activiteit wordt 1 punt geteld.
Een kamp levert 4 punten op.
Een weekend telt voor 1 punt.

Artikel 5

Het totale jaarbudget wordt 4 x per jaar evenredig verdeeld en per trimester telkens opnieuw berekend.

Artikel 6

De uitbetalingen gebeuren in de maand na het binnensturen of mailen van de formulieren. Indien de jeugdbeweging geen aanvraag binnen de maand na het verlopen trimester binnenstuurt, vervalt de subsidie en wordt deze verdeeld onder de andere jeugdbewegingen.